Molecuul: definitie in de scheikunde
Molecuul: Een groep van twee of meer atomen die door covalente bindingen bij elkaar worden gehouden, zoals O₂ of H₂O. Het is de kleinste eenheid van een covalente stof die haar chemische eigenschappen behoudt.
Moleculen kunnen bestaan uit atomen van één element, zoals O₂ en N₂, of uit verschillende elementen, en dan zijn het ook verbindingen, zoals H₂O en CO₂. Ionaire verbindingen zoals natriumchloride bestaan niet uit moleculen maar uit een doorlopend rooster van ionen. De vorm van een molecuul, bepaald door zijn bindingen en vrije elektronenparen, beïnvloedt eigenschappen zoals polariteit en kookpunt.
Voorbeelden
- Zuurstof (O₂) — twee zuurstofatomen
- Water (H₂O) — een gebogen molecuul
- Methaan (CH₄) — een tetraëdrisch molecuul
- Glucose (C₆H₁₂O₆) — 24 atomen in één molecuul
In het periodiek systeem
Moleculen ontstaan vooral tussen niet-metalen, rechtsboven in de tabel, die elektronen delen in plaats van overdragen.