Blok: definitie in de scheikunde
Blok: Een van vier gebieden van het periodiek systeem, het s-, p-, d- en f-blok, genoemd naar het type subschil waarin de elektronen met de hoogste energie van elk element zitten.
Het s-blok bevat groep 1 en 2 plus helium, het p-blok groep 13 tot 18, het d-blok groep 3 tot 12 en het f-blok de lanthaniden en actiniden. De breedte van elk blok, 2, 6, 10 of 14 kolommen, is gelijk aan het aantal elektronen dat zijn subschil kan bevatten. Elementen in een blok delen brede kenmerken: op waterstof en helium na zijn de s-blokelementen reactieve metalen, bevat het p-blok alle andere niet-metalen, en zijn de d- en f-blokelementen allemaal metalen.
Voorbeelden
- Natrium (s-blok) — [Ne] 3s¹
- Chloor (p-blok) — [Ne] 3s² 3p⁵
- IJzer (d-blok) — [Ar] 3d⁶ 4s²
- Uranium (f-blok) — [Rn] 5f³ 6d¹ 7s²
In het periodiek systeem
Blokken verdelen de tabel in vier zones: twee kolommen links (s), zes rechts (p), tien in het midden (d) en de twee rijen van 14 onder de hoofdtabel (f).